Home   >   Collectie   >   Theo Mackaay

"Op een mooie zondagmorgen in het jaar 1950 werd ik geboren. Na een wat onrustige middelbare school periode ben ik in 1970 met een opleiding tot steenhouwer begonnen, welke ik na een klein jaar succesvol afsloot. Dit was voor mij de basis voor het vak dat ik wilde gaan uitoefenen, namelijk beeldhouwen. Na het toelatingsexamen aan de Gerrit Rietveld Academie was mijn toelating een feit en studeerde ik er van 1972 tot en met 1976 en ik deed in dat zelfde jaar ook eindexamen, dit eigenlijk een jaar te vroeg, maar ik kon toen naar de Rijksacademie voor beeldende kunst, ook in Amsterdam, iets wat ik erg graag wilde, gezien het totaal verschillende karakter van deze opleiding, hier kon ik veel dieper op de materie ingaan en proberen door het schetsmatige van mijn werk heen te komen. Omdat ik al wat meer praktische kanten van het vak beheerste, zoals het steenhouwen en mijn vele werk in de bronsgieterij van Jan Steyleart, leek het de leraren Wong en Rietbroek wel een goed idee om mij dan ook maar een jaar eerder eindexamen te laten doen. Na het examen in 1976 werd ik aangenomen op de rijksacademie, welke ik na drie intensive jaren afsloot onder de bezielende leiding van Prof. Piet Esser. Deze vond mijn boxkampioenschap interessanter denk ik dan het toenmalige niveau van mijn kunstenaar zijn, gelukkig maar, want er konden maar 8 mensen per jaar worden aangenomen voor de monumentale klassen, het voelde alsof er een vogeltje op je hoofd zat! Mijn werk is het best te omschrijven als gedeformeerd figurisme, ik ga dus uit van de bestaande vormen en doe er dan vervolgens iets mee, zodat je deze figuren op straat in ieder geval nooit meer zal tegenkomen, het zijn verwijzigen naar de oervorm en het archetypische. Ik verbaster het geheel dus naar een eigen wereld en zienswijze, dit om zoveel mogelijk de kunstenaarsziel in mij te raken. Mijn eerste opdracht, was de grote prijs van het Nederlandse film festival, het Gouden kalf in 1980 en dit in samenwerking met de toenmalige directeur, initiatiefnemer en filmer, Jos Stelling. Ik heb destijds meerdere ontwerpen in de vorm van tekeningen gemaakt en uiteindelijk is er gekozen voor het meest conventionele ontwerp, nu vele jaren later zie ik er toch veel meer kracht in dan ik toen kon zien en ben ik blij dat het er zo is uitgekomen, het overleeft in ieder geval al 28 jaar filmgala's. Het is een prettige start om iets te maken in opdracht wat ook als zodanig wordt geaccepteerd, dit heeft voor mij de schwung er al die jaren aardig ingehouden. In datzelfde jaar 1980 ben ik ook weer gaan schilderen, iets wat ik al in mijn prille jeugd erg leuk vond en waar ik van kinds af aan dus veelvuldig mee bezig was. Ook dit is uitgemond tot 28 jaar werken met kleur en illusie en nog steeds kan ik er gelukkig van worden als er weer één af is en dit geld natuurlijk voor zowel de beelden als de schilderijen. Ik heb mijn hele leven veel muziek gemaakt, het gitaar spelen en liedjes schrijven ben ik eigenlijk altijd blijven doen, eerst op zeer jeugdige leeftijd, samen met mijn oudste broer in verschillende bandjes en later ook alleen, het was toen moeilijk om een keuze te maken. Ik verhuurde mijn stem in de studio's voor reclame doeleinden en speelde verschillende malen op platen van anderen, meestal werd ik hier ook voor betaald, zo kwam ik in mijn jonge jaren al een beetje aan de kost, later toen ik van de academie kwam verdiende ik mijn geld ook als gitarist oa. in de theatertour van Lenny Kuhr met Dolf Koch, Rene brom en Simon Been, met deze drie ben ik later de Nederlandstalige rockband BRAAK begonnen, aangevuld met Hans Kosterman en Cherry Weidenbosch, samen hebben wij verschillende platen gemaakt. De band was flink links georiënteerd, wij waren in die tijd eigenlijk tegen het protocol, wij wilde het wel anders en lieten dat ook duidelijk merken in onze teksten. Eigenlijk heb ik dat nog een beetje, alles is mij nu, veel te veel georganiseerd, als kunstenaar moet je juist vrij zijn en zelf kunnen beslissen, maar goed genoeg hierover. Vanaf 1982 heb ik rondgedobberd in Italië, veel heb ik er gezien en ik ben geïnspireerd geraakt door de schoonheid van het land en de onbeschrijfelijke kunstschatten, het leek er wel één groot open lucht museum. Mijn ontmoeting met Rinnello Brusi was daar dus een logisch gevolg van, zijn vrouw en kinderen deden het restaurant en mijnheer werkte achter buiten aan zijn marmeren beelden, alles liep op rolletjes, het was goed toeven in een dergelijk milieu, door eerst samen met hem te werken kwam ik zelf ook in de juiste stemming en toen pas begon mijn wereld daar gestalte te krijgen, ik had zo wie zo al iets met het land en Italië maakte zich van mij meester, het kroop als het ware in mijn bloed. Na mijn Italië periode heb ik lange tijd hier in Nederland gewerkt en tevens de grootste basis gelegd voor wat er daarna in mijn werk is gebeurd. Ik heb in die periode allerlei mensen ontmoet, waarvan er een aantal later ook erg belangrijk zijn gebleken, dit waren natuurlijk niet alleen de kopers maar ook de bewonderaars, je fans zal ik maar zeggen. Doordat ik wat meer ruimte zocht en mijzelf weer vrij wilde maken was België een oplossing. Daar ben ik heel anders gaan werken, eerst deed ik nog erg mijn best om mij aan mijn Rembrandtsiaanse manier van schilderen vast te houden, maar daar liep ik op stuk. Mooi is het dat er voor alles een tijd en een plaats is, ik was er kennelijk aan toe om krachtiger en sneller te werken, mijn opzet te veranderen. Eigenlijk zonder na te denken, blind te varen op het kompas van mijn kunstenaarschap, dit alleen wat betreft mijn schilders activiteiten. In die periode heb ik eigenlijk alleen maar geschilderd en bijna geen beelden gemaakt, ik schilderde dag en nacht, het was alsof mijn leven er van hing! In deze fase ben ik voor de kunsthandelaren gaan werken, ik vond het heel wat gemakkelijker, de zaken liepen vlotter en ik wist gelijk waar ik aan toe was! Na een aantal jaren zo gewerkt en geleefd te hebben kwam er weer heimwee naar het 3 dimensionale en zo kon ik dus mooi alle vormen die ik op de schilderijen had bedacht omzetten naar die andere dimensie, namelijk die van het sculpturale. Deze nieuwe start diende zich gelijk aan met een reis naar China, welke mijn bronsgieter Hans Steyleart georganiseerd had. Het bleek dat hij al dat vele geschilder van mij helemaal zat was, hij was bang dat als hij niet ingreep zijn beeldhouwer in het blaue hineins zou verdwijnen. Eenmaal daar aangekomen was ik erg onder de indruk van het land en de bevolking. De sfeer deed mij denken aan mijn jeugd, alles gebeurd op straat en bijna iedereen roeit met dezelfde spaan, het had mijn hart gestolen en mijn handen jeukten, het werk riep! Ik ben begonnen om een paar favorieten ontwerpen uit de periode van 1986 tot 1991 een nieuwe gestalte te geven, het leek mij fijn om met de verworven kennis van ongeveer 20 jaar later diezelfde vorm nog eens door je handen te laten gaan. Voor mij was het erg spannend om met een paar mensen daar deze strijd aan te gaan. Na het uitmeten van de vorm maakten zij in klei zo de eerste opzet, vervolgens werd die in gips gegoten en keek ik tegen een hele grote vorm aan die mij totaal niet beviel en toen, kon mijn werk beginnen! Het vijlen en gipsen was in het begin wel even wennen maar toen ik daar doorheen was en de werk conditie had toegenomen, vlogen de vonken er als vanouds vanaf. Een taal barrière heb ik als zodanig nooit ervaren, we spraken tenslotte allen de taal der sculptuur Mijn dagen werden gesleten in het stramien van werken, slapen en eten, tijdens het werk was er prachtige Chinese muziek en de rust van het landschap was overweldigend. Het atelier was zeker een uur rijden van de stad, een broodje halen tussen de middag, dat was er niet bij, ik dronk dus maar water want eten buiten de stad leek mij geen goed idee. Het was een totaal nieuwe ervaring om tijdens het werk niet meer afgeleid te worden door de beslommeringen van het dagelijkse thuis. Ik kan mij niet herinneren dat ik een dergelijke vorm van concentratie tijdens het werken eerder had bereikt, dit alles leek op één diepe meditatie, geweldig! Ruim twee en een half jaar later hebben mijn reizen en werk geresulteerd in een 25 tal nieuwe beelden, zowel in brons als in steen en deze in de verschillende afmetingen van 1.20 tot 4 meter. Intussen had de tijd niet stil gestaan en via het grote werk liep de belangstelling hoger op en zo kwam ik in Spanje, Fred schaap tegen, die eerst een bewonderaar bleek te zijn van mijn werk, maar later is hij samen met mij in de wereld van de kunst met een grote K gestapt. Onze samenwerking resulteerde er vervolgens in dat ik in Spanje ben gaan wonen en werken, een fantastisch land met een eindeloze horizon, prachtig licht en veel Viva España. Samen zijn wij nu bezig werk van mij te plaatsen in verschillende steden van Europa, zodat alles een meer internationaal karakter krijgt. Voorlopig wordt er enthousiast op gereageerd en stimuleert het mij om lekker verder te gaan, mijn vorm wordt steeds duidelijker en zelf heb ik het gevoel dat de ontwikkeling nog bij lange na niet aan zijn einde is. Na mate je ouder wordt en je de emoties dieper kan vertalen wordt alles veel interessanter! Dus ik stroop voor nu maar weer de mouwen op en begin gewoon weer aan iets geheel nieuws."

Kunstwerken van Theo Mackaay

Bison 1997
€ 2.500,-
Family
€ 7.900,-
Groot paard
€ 9.500,-
Knielende vrouw met goud gepolijst
€ 4.600,-
Mens
€ 2.800,-
Pomona
€ 2.600,-
Pomona liggend
€ 3.100,-
Stier
€ 2.500,-
Uomo
€ 8.000,-
Vrouwentorso
€ 5.200,-
Zittende vrouw
€ 19.000,-